anneblinkblink:

soms wil ik je armen, omarmen, verwarmen, ontleden, betreden, beginnen, beminnen. soms wil ik je ontwijken, bekijken, begrijpen, opvouwen, trouwen, opkauwen. soms wil ik je niet kennen, wegrennen, vergeten, ontweten, terugwinnen, bespringen, beginnen. soms wil ik dezelfde gedachtes delen, strelen, helen, totdat we ons vervelen. ik kijk naar je en jij naar iets anders.

Ik draag je op mijn wimpers zei je.
Wimpers? vroeg ik (aan mezelf)
Wanneer ik een beetje met mijn ogen knijp ben je dichterbij dan mogelijk zonder dat ik de realiteit verlaat.

Mijn eerste eetmoment in Nederland sinds drie maanden met hele leuke mensen is voorbij en ik was best wel een beetje zenuwachtig.

In grijze ochtendglorie ren ik in de armen van mijn bloed. De vochtigheid in mijn botten. is dit mijn thuis? denk ik nadat de schuifdeuren achter me dicht gaan. Wil ik hier mijn kinderen aan voorstellen als de plek die mij deed ontplooien? Jij lijkt tevreden te zijn en waarom kan ik dat niet plaatsen. Zei ze nou dat ze me gemist heeft? Ik ben alweer te druk met notities plakken in mijn hoofd geloof ik. Ik voel je niet meer concludeer ik naar adem zoekende. De hand van Sara in mijn gezicht. Ik moest huilen, niet omdat ik mijn zusje zo gemist had, niemand eigenlijk gemist had-  dat wist iedereen, maar om het zwarte gat te omzeilen deed men net alsof ze ook blij waren dat mijn voeten schiphol hadden bereikt. Je bent thuis, maak daar maar notities van in je hoofd zegt Sara.

Naast je staan te midden van een cliché van zand, de geluiden uit zee en een dolle hond. Nog net geen letters geschreven met een tak. Mijn slippers voelden zich thuis in de warmte van jouw vingers. Ik voelde me gedateerd… ik voelde de zwaarte van mijn onzichtbare rimpels. Alsof we heel even terugkeken op ons leven vanuit de toekomst. Ik miste de andere zijde, ik miste mijn andere zijde, altijd. Ik was verliefd en zag je knikken vanuit de hemelsblauwe lucht en durfde, heel even, naar je te glimlachen. Om vervolgens te fluisteren dat ik je zo mis.